Handbal als ideale schoolsport
Dat handbal nog niet algemeen doorgebroken is als een uitstekende schoolsport heeft vooral te maken met een aantal ongelukkige percepties. Zo denken velen nog dat je enkel kan handballen in een zaal van 40 op 20 meter, met aangepaste belijningen. Niets is echter minder waar: basisvormen van handbal, zoals tienbal of trefbal, kunnen perfect gespeeld worden in heel beperkte omstandigheden, zoals kleine turnzaaltjes of op speelplaatsen. Ook het didactisch materiaal heeft een grote invloed. Wie jaarlijks nog eens de bijna versteende ballen van 20 jaar geleden opdiept uit de schoolkelder en die vervolgens keihard oppompt, zal waarschijnlijk weinig kandidaat-doelmannen vinden. Ook kinderen met een beperkte vang- en werptechniek zullen zich er regelmatig aan bezeren. Maar tegenwoordig wordt, tot algemene voldoening, gewerkt met aangepaste softballen.

Daarom nemen we het jaar “Handbal, Sporttak in de Kijker” graag te baat om één en ander in het juiste daglicht te plaatsen. Daarvoor laten we graag Jan Boury aan het woord, al vele jaren docent handbal aan de West-Vlaamse bachelors Lichamelijke Opvoeding in spe, en een uitstekend ambassadeur van handbal als schoolsport.

Handbal heeft meer dan twee doelen
Een uitstekende schoolsport, dat handbalspelletje. Een saaie 0-0 ‘brilscore’ wordt het in ieder geval nooit, want doelpunten vallen er altijd. Technisch gezien is het geen moeilijk spel: de meeste leerlingen krijgen het snel onder de knie. Handbal is dan ook een ideale schoolsport! Iedereen kan het leren en het is vooral heel leuk. Een groot voordeel is dat op school zowel jongens als meisjes een partijtje (soft)handbal kunnen spelen, mét of tegen elkaar. Op die manier kunnen ook de meisjes ‘hun mannetje’ staan. Het komt namelijk niet alleen aan op pure fysieke kwaliteiten, zoals kracht.

Het is bovendien gemakkelijk te organiseren. Omdat er weinig materiaal voor nodig is, biedt handbal naast de gymles tal van mogelijkheden tijdens de middagpauzes en de naschoolse opvang.

Het noodzakelijke materiaal
In de gymzaal zijn meestal wel twee handbaldoelen aanwezig, maar je kunt even goed minivoetbaldoelen, banken, matten, hoepels of kegels gebruiken. De hoogte van de doelen kun je aanpassen aan het niveau of de leeftijd van de leerlingen. Je mag ze echter niet te klein maken: de succesbeleving van het scoren blijft heel belangrijk!

Zeker bij gebruik van minivoetbaldoelen zijn zachte handballen uit veiligheidsoverwegingen uitermate aangewezen. De kans dat de doelverdediger de bal raakt, is heel groot. Komt hierbij dat je hem/haar meestal niet aangeleerd hebt het doel te verdedigen.

De inrichting
Als je geen degelijke sportinfrastructuur (met bijvoorbeeld een volwaardig handbalveld) ter beschikking hebt, kun je toch nog op een heel boeiende en aangename manier handbal spelen. Je kunt de afmetingen van het terrein immers aanpassen aan de beschikbare ruimte. Een volleybal-, basketbal- of tennisveld volstaat. Je hoeft het doelbebied ook niet noodzakelijk af te bakenen met een cirkel: een rechte lijn kan ook. Je kunt de diepte van het doelgebied ook beperken tot 3 à 4 meter. Maar je moet wel altijd op twee doelen spelen. In handbal is de tegenaanval namelijk heel ‘doelgericht’. De leerlingen moeten na balwinst zo vlug mogelijk zo dicht mogelijk (op shotafstand) bij het doel van de tegenstander proberen te komen.  Leerlingen hebben het immers tegenover een min of meer georganiseerde verdediging altijd moeilijk. Dat veroorzaakt een heel statisch spel. De leerlingen staan dan meestal op hun positie stil, ze bewegen weinig of niet, komen soms zelfs niet tot shot of nemen onnauwkeurige afstandshots en scoren bijgevolg slechts met mondjesmaat. Er is bijgevolg weinig succesbeleving zodat de motivatie snel daalt.

Een spelgerichte methodiek
Hoewel handbal in Europa een van de meest beoefende zaalsporten is, wordt het bij ons tijdens de lessen LO, zowel in het lager als secundair onderwijs, niet overal structureel aangeboden. Dit komt waarschijnlijk omdat de leerkracht het spel niet of nauwelijks kent. Onbekend is nog altijd onbemind. En toch is handbal een erg aantrekkelijke sport, zowel voor het lager als secundair onderwijs. Vanuit eenvoudige mik- en afgooispelen, waarbij het erom gaat om zowel ‘hard’ als ‘zuiver’ te gooien om een doel te treffen, en keeperspelen, waarbij het erom gaat de keeper met een shot te passeren, in  het lager onderwijs is de overgang naar een aangepast handbalspel, zoals 4 tegen 4 softhandbal in het secundair onderwijs een logische stap. De basisbedoelingen van het afgeleide handbalspel in het secundair onderwijs zijn immers dezelfde als die van vereenvoudigde handbalachtige spelletjes die leerlingen speelden in de lagere school, zoals jagerbal of tienbal. In principe gaat het altijd om samenspelen, om mikken en treffen waarbij de leerlingen de bal naar (een) doel werpen om te scoren. De basis van handbal is dus heel eenvoudig. Waarom zou het onderwijzen in en het leren van handbal dan ingewikkeld moeten zijn?

Een belangrijk principe is dat alle leerlingen intensief en succesvol kunnen deelnemen. Dat betekent spelen in kleine groepjes. Dit heeft als gevolg: vele beurten en herhalingen, geen lange wachttijden, meer actiemomenten, meer balcontacten, een wervelend spelverloop, een grotere succesbeleving, een aanbod waaraan zowel goede als minder goede bewegers kunnen deelnemen en dus zeker meer leereffect. Een goede leerkracht kan niet maken dat een gebrekkige lesorganisatie zou leiden tot weinig beurten, ook al wordt dit goed gemaakt door de afdalende oefenmomenten waarbij veelvuldig op doel geshot wordt.

Als eindvorm speel je dus (zelfs in het secundair onderwijs) bijna nooit het officiële 7 tegen 7 zaalhandbal, maar elke les in elk geval 3 tegen 3 of 4 tegen 4. In een 4 tegen 3 + keeperopstelling zijn immers alle essentiële tactische elementen, zowel aanvallend als verdedigend, in de breedte en de diepte aanwezig. Trouwens, die competitieve vorm van 7 tegen 7 is voor de niet-getrainde leerlingen te ingewikkeld. En door te grote groepen wordt het spel vaak erg complex en onoverzichtelijk.

De handballes moet in balans zijn!
Vertrekkende van het spelen in kleine groepen op zo veel mogelijk veldjes (zodat zo veel mogelijk leerlingen tegelijk kunnen spelen) is het allerbelangrijkste dat de leerling speelt en dit als leuk ervaart. De bereidheid om iets te leren komt dan vanzelf. Maar je moet er blijvend voor waken dat je handballessen in balans zijn. In het lesgeven moet je namelijk altijd een mooi evenwicht zoeken tussen leuk, leerzaam en hard werken. Je herkent hierbij de leerkracht als trainer (hard werken), als teacher (leren) en als entertainer (leuk).

“Wie heeft er vandaag hard gewerkt?” betekent dat alle leerlingen intensief en succesvol kunnen deelnemen, “Wie vond het vandaag leuk?” betekent dat leerlingen, die plezier beleven, bereid zijn harder te werken en “Wie vond het vandaag leerzaam?” betekent dat leerlingen wel bereid zijn stil te staan bij leermomenten, vooral als ze merken dat het leren uiteindelijk kan bijdragen aan een intensievere beleving van de handbalactiviteit.

Natuurlijk zijn er handballessen waarbij het accent ligt op “leuk”, de andere keer op “leerzaam” en daarna weer op “hard werken”. Maar je krijgt een signaal als blijkt dat er wel heel veel lessen zijn die goed scoren op leuk, maar weinig op leerzaam, of andersom. Of als iedere keer blijkt dat slechts weinig leerlingen aangeven hard gewerkt te hebben. Dan moet er minder gepraat en meer bewogen worden. Kortom, zelf de balans bewaken door regelmatig terug te vragen, maakt het leerlingen duidelijk dat het tijdens het handbalspel in de les LO ook gaat om leren. Leuk is een aspect, maar leren en hard werken zijn de andere aspecten die net zo belangrijk zijn waardoor je ervan overtuigd moet zijn dat handbal meer dan twee doelen heeft.

Tijd om je handbalkennis nog even op te frissen? Schrijf je dan in voor één van de bijscholingen handbal voor leerkrachten LO. Je krijgt er ook een goede lesmap met DVD, voor een gestructureerde lessenreeks handbal in het lager of secundair onderwijs. Aarzel ook niet om contact op te nemen met de handbalclub uit de buurt of deel te nemen aan de SVS handbaltornooien of de VHV scholentornooien van de VHV met een schoolploeg.

>>> download de lesmap door LINKS op “download” te klikken.

>>> Inschrijven voor de bijscholingen kan via www.sporttakindekijker.be <<<